woensdag 19 augustus 2015

Uitgelekt: Franse Geheime Dienst richtte zelf de Libische Nationale Coalitie op in 2011 voor Handelsdoeleinden

In een heerlijk stuk van de uitmuntende onderzoeksjournalist Willy van Damme (1) een analyse naar aanleiding van een uitgelekt stuk over de smerige praktijken van de Franse Geheime Dienst die de twee toekomstige leiders van de Oppositie-regering in Libië blijken betaald te hebben om hen later te kunnen herkennen, met als tegenprestatie het toekennen van allerlei oliedeals voor Frankrijk.


Bij wijze van uitzondering heb ik het betreffende stuk hieronder gekopieerd, met dank aan de heer van Damme voor zijn scherpte. Lees vooral ook zijn andere doortastende analyses.




De DGSE in actie
Het verhaal raakte publiek als een gevolg van de hetze in de VS van de Republikeinse Partij tegen de Democratische presidentskandidate Hillary Clinton. Centraal hierbij staan de emails die ze via haar eigen private server ontving en niet zoals het hoort via die van het ministerie van Buitenlandse Zaken toen ze in die functie overal rondtoerde.


Het betreffen ditmaal enkele emails afkomstig van een zekere Tyler Drumheller, een geheim agent van de CIA, die haar via adviseur Sidney Blumenthal bereikten. Deze mails handelen over wat er in 2011 rond Libië gebeurde en vooral dan over het Franse optreden daar.


De opstand tegen president Moeammar Kadhaffi begon officieel begin februari 2011 in de stad Benghazi en leidde tot de vorming op 27 februari 2011 van de Nationale Overgangsraad met Mustafa Abdoel Jalil en generaal Abdoel Fatah Younis. Waarna Frankrijk die Overgangsraad reeds op 10 maart erkende als zijnde de wettige regering van het land.
Mustafa Abdul Jalil - 5
Mustafa Abdoel Jalil was volgens openbaar geraakte geheime documenten van de Amerikaanse geheime dienst CIA te koop/a vendre. In ruil voor Frans geld liet hij de regering van Moeammar Kadhaffi vallen en hielp hij zijn land zo mee in de vernieling. Op 5 maart 2011 wist hij al te zeggen dat een westerse land zijn Overgangsraad snel als de wettige regering zou erkennen. Hij kon het natuurlijk goed weten.
In wezen echter waren volgens een memo van de CIA van 22 maart 2011 er al eind februari geheime agenten van de Franse buitenlandse spionagedienst DGSE naar Benghazi getrokken en hadden er contact opgenomen met Jalil en Younis en hen geld en advies gegeven om zo’n raad op te richten.


Een ‘spontane’ opwelling
En mits ze de Franse belangen in Libië, vooral dan in de olie-industrie, zouden verdedigen zou men hen als de wettige regering erkennen. Nog volgens dit memo van Drumheller gingen Jalil en Younis hiermee akkoord.


Waarna dan in een zogenaamd spontane opwelling van verontwaardiging de Frans-Joodse intellectueel Bernard-Henri Levy op 4 maart 2011 met Jalil een gesprek had en luidkeels aan Sarkozy vroeg om die door ‘woesteling’ Kadhaffi bedreigde Libiërs te redden.


In wezen, zoals een memo van 5 mei 2011 stelt, was Levy daar alleen om de Franse zakelijke belangen te dienen. Misbruik makende van zijn status van journalist had hij nieuwe gesprekken met zijn Libische vrienden en zorgde hij ervoor dat de leiders van die Overgangsraad hun handtekening zetten onder de belofte zorg te dragen voor de Franse zakelijke belangen.


Bernard Henri Levy - 2
De Franse filosoof Bernard-Henri Levy (foto) wou het Libische volk in ‘bescherming’ nemen. Feitelijk verdedigde hij echter de Franse zakelijke belangen en offerde hij hiervoor zeer veel Libische mensenlevens op. Hier op deze foto wil hij eveneens het Syrische volk ‘helpen’. Ook in Oekraïne stond hij aan de kant van het ‘volk’ en steunde deze opperzionist volbloed fascisten zoals Pravy Sektor, de erfgenamen van de SS en de Holocaust.
Het eerste memo van Drumheller heette daarom ook: “How the French created the National Libyan Council, ou l’argent parle’ (Hoe de Fransen de Nationale Libische Raad stichten, of hoe geld praat). De contacten met de DGSE liepen volgens die nota’s via agenten van de DGSE in Cairo.


Franse zakenlui
Volgens het memorandum van 5 mei 2011 zouden daarbij ook zakenlui van onder meer Total, Vinci, EADS en Thalys gebruik makende van zogenaamd humanitaire vluchten in Libië verdere gesprekken gehad hebben met die Overgangsraad. Volgens een derde nota van de CIA van september 2011 zouden de Fransen daarbij geëist hebben dat ze 35% van de Libische olierijkdom zouden krijgen.


In de praktijk liep echter alles mis. Zo was er ook de Italiaanse oliegigant ENI – en Italië is de vroegere kolonisator – en lagen verder nog Russische en Chinese firma’s op de loer voor die buit. Bovendien werd Younis nadien op 28 juli 2011 in onopgehelderde omstandigheden vermoord. Volgens een nota van Drumheller op vraag van Jalil, toen de voorzitter van de Libische Overgangsraad.
Moeammar Kadhaffi - 5
Nicolas Sarkozy liet de Libische president Moeammar Kadhaffi (foto) vermoorden om zo beter de Franse zakenbelangen te dienen. In ruil kreeg Frankrijk sindsdien echter al een serie aanslagen van salafisten met links naar Libië.
Mustafa Abdoel Jalil nam op 21 februari 2011 ontslag als minister van Justitie onder Kadhaffi. De dag nadien was het de beurt aan Abdoel Fatah Younis, op dat ogenblik minister van Binnenlandse Zaken. Deze laatste werd toen gezien als ‘s lands machtigste man na Kadhaffi. Zij namen dus ontslag rond het ogenblik dat de Franse DGSE met hen gesprekken voerden.




NOTEN
(1) https://willyvandamme.wordpress.com/2015/08/18/libide-machinaties-van-nicolas-sarkozy-en-bernard-henri-levy/

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen